Fietsen in het Moezeldal langs druiven en Romeinse cultuur (2011)
Het Moezeldal in Duitsland is een mooi fietsgebied niet ver van Nederland.
Een bekende fietstocht in het dal van de Moezel is het traject van ongeveer 200 km tussen Trier en Koblenz.
Een prachtige rit langs en soms tussen de wijngaarden waar de sprankelende Riesling vandaan komt. Een
gidsje dat de route aangeeft en over ieder dorp onderweg vertelt wat er te zien is, is een handige leidraad.
Romeinse cultuur in Trier
De start is veelbelovend: Trier is een van de oudste steden van Duitsland, waar de Romeinen zich in 16
voor Christus vestigden om de grenzen van hun rijk tegen invallende Germanen te beschermen. Er staan
nog verschillende gebouwen van de Romeinen in de stad. De reusachtige Porta Nigra was een van de toegangspoorten tot de stad. De even indrukwekkende troonzaal van keizer Constantijn is de grootste ruimte die uit de
klassieke Oudheid is overgebleven. Verder zijn er nog thermen en een amfitheater te bewonderen. Maar
ook het middeleeuwse Trier om de Grote Markt is schitterend. Veel van de gebouwen staan op de lijst van
Werelderfgoed van UNESCO. De belangrijkste vondsten uit de Romeinse tijd zijn ondergebracht in het Rheinisches
Landesmuseum waaronder enkele schitterende mozaïeken en een bijzondere schat van ongeveer 2000 gouden
munten waarop maar liefst 137 verschillende keizers staan afgebeeld.
De eerste rit brengt ons langs Longuich waar een Romeinse villa is gereconstrueerd.
De Duitsers, in tegenstelling tot bijvoorbeeld de Fransen en de Italianen, hebben het beleid Romeinse
opgravingen zoveel mogelijk opnieuw op te bouwen. Dat is natuurlijk deels niet origineel, maar het geeft
wel een goed beeld hoe het er in die tijd uitgezien heeft. En waarom eigenlijk niet?
Sarcofagen in Trittenheim
We rijden verder naar Trittenheim dat in een van de vele bochten van de Moezel ligt. De wijnboer bij
wie we overnachten, brengt ons naar zijn steile wijngaarden op de heuvels langs de rivier. Hij is waarschijnlijk
de enige wijnbouwer in de wereld die te midden van zijn druiven twee originele Romeinse sarcofagen heeft
liggen. Hij vertelt vol trots over zijn druivenstokken die soms meer dan vijftig jaar oud zijn. Hij laat ons de verschillende
wijnen proeven en wij verbazen ons erover dat we de volgende dag zonder hoofdpijn de fietstocht kunnen
voortzetten naar Traben-Trarbach.
In Neumaghen-Dhron heeft men, op basis van een afbeelding op een grafschrift van een wijnhandelaar uit
de Romeinse tijd, een wijnschip nagebouwd. De kapitein laat van het meevarende gezelschap afhangen of
er, zoals in de Romeinse tijd, geroeid kan worden…
Bernkastel-Kues is het eerste echt toeristische stadje dat we bezoeken. Logisch want het kleine centrum
is heel oud en telt vele prachtige vakwerkhuizen. Het ziekenhuis St. Nikolaus dat zo’n 500 jaar
geleden gesticht is doet nog steeds dienst!
Als in een Romeins badhuis
Ons overnachtingadres in Traben- Trarbach ligt in het rustige achterland waar Esther de Jonge een klein
hotel runt. Ze deed haar reclamebureau van de hand om hier in haar Haus Jungenwald voor de rustzoekende
toerist zelf te koken à la française. En die rust vind je sowieso als je in het ernaast
gelegen thermenbad een uurtje doorbrengt in het warme water.
De derde dag leidt ons naar Cochem. Er vaart een pontje naar Beilstein, ook wel ‘Doornroosje van
de Moezel’ genoemd, waar de Zwarte Madonna wordt vereerd. Het is een steil tegen de heuvel liggend
stadje vanwaar je een mooi uitzicht op de rivier hebt.
In Cochem ligt een grote burcht die, strategisch gebouwd in de bocht van de rivier, de omgeving nog steeds
domineert.
Vanuit Cochem, - maar dat is vanaf veel stadjes langs de Moezel mogelijk- maken we een boottocht naar
Treis. Dat scheelt tien kilometer fietsen van ons laatste traject van 50 km… Het geeft ons de
energie de klim naar de burcht Thurand in Alken, grotendeels staande op de pedalen, te voltooien. Het
is een mooie vesting die deels op Romeinse fundamenten is gebouwd. Kinderen zullen dit kasteel bijzonder
interessant vinden omdat de linkertoren helemaal tot de top via een smal trappetje beklommen kan worden.
Buga in Koblenz
De Moselradtour eindigt in Koblenz waar de Moezel in de Rijn stroomt bij Deutsches Eck. Het is een wonderlijk
gezicht hoe het donkere water van de Moezel op het groene water van de Rijn stuit en via een zwart spoor
langs de oever zich in de Rijn wringt.
De oude stadskern van Koblenz telt een aantal bezienswaardige monumenten. Bij twee van deze gebouwen
en bij Deutsches Eck is deze zomer de BUGA, Bundesgartenschau, te vergelijken met de Floriade in Nederland.
Op drie plekken in de stad, bij het keurvorstelijk paleis, bij Deutsches Eck en bij de vesting Ehrenbreitstein,
zie je de schitterendste bloemperken. Met een kabelbaan zweef je over de Rijn naar de vesting om daar
in een parkachtige omgeving te genieten van al het moois op bloemen- en plantengebied.
Fietsen in het Moezeldal, dat op een halve dag rijden van Amsterdam ligt, is ontspannend, sportief en
cultureel bezig zijn. Met de trein ben je van Koblenz in ongeveer twee uur weer terug in Trier. Wat
wil een mens nog meer?
Voor meer informatie over een dergelijke trip: www.mosellandtouristik.de